Wat heeft een boos kind nodig?

Boze kinderen bestaan niet. Kinderen moeten vaak alleen nog leren omgaan met hun emoties. Vaak raken kinderen overspoeld door gevoelens die ze zelf nog niet kunnen reguleren.

Als ouder kan het intens zijn wanneer je kind vaak boos is. Driftbuien, schreeuwen, slaan, zich afsluiten. Niet alleen vervelend voor je kind zelf, maar het kan ook jou als ouder uitputten of onzeker maken. Je kunt gaan twijfelen: Doe ik iets verkeerd? Ben ik te streng? Of juist te zacht?

Het is belangrijk om te weten: boos gedrag is geen onwil, maar onmacht van je kind. Je kind vindt het op dat moment moeilijk om de eigen emoties te kunnen reguleren.

Boosheid is een signaal

Boosheid is één van de eerste emoties die kinderen duidelijk laten zien. Het is een manier om te zeggen:

  • Dit is te veel
  • Ik voel me niet begrepen
  • Ik heb hulp nodig

Het brein van een kind is nog volop in ontwikkeling. Het deel dat verantwoordelijk is voor impulscontrole en emotieregulatie is nog niet af. Dat betekent dat je kind gevoelens ervaart in volle kracht, maar nog niet weet hoe ermee om te gaan. Dit kan zich vervolgens uiten in boosheid (maar ook in andere emoties, zoals verdriet).

Wat helpt op zo’n moment?

Wanneer een kind boos is, is het stresssysteem actief. Redeneren, uitleggen of corrigeren werkt dan meestal niet. Daar heeft je kind op dat moment geen ruimte voor. Wat wél helpt:

1. Blijf zelf zo rustig mogelijk. Je eigen zenuwstelsel werkt als voorbeeld. Hoe moeilijk ook: jouw kalmte helpt je kind om de emotie weer te laten zakken.

2. Benoem wat je ziet. Zonder oordeel. “Je bent heel boos.” “Ik zie dat dit je echt raakt.” Dat geeft erkenning en veiligheid.

3. Begrenzen zonder afwijzen. Gevoelens mogen er zijn, gedrag niet altijd. “Ik zie dat je boos bent. Slaan mag niet. Ik blijf bij je.” Zo leert je kind: ik word niet afgewezen, ook niet als het moeilijk is.

Wat kun je doen ná de boosheid?

De grootste groei zit vaak na het moment zelf.

  • Praat samen over wat er gebeurde. Waarom werd je kind zo boos? Zo kan je ook kijken of er telkens eenzelfde aanleiding is voor je kind om boos te worden of dat dit wisselend is. 
  • Benoem gevoelens en grenzen. Je kan dan nogmaals aangeven dat gevoelens er mogen zijn, maar dat niet al het gedrag geaccepteerd wordt.
  • Kijk samen: Wat had je nodig? Wat kan volgende keer helpen? Zo kun je afspreken wat je kind kan doen als die boos is. Denk bijvoorbeeld aan een rondje rennen of eerst even rustig tot 10 tellen. Probeer ook samen met je kind te ontdekken wat het beste werkt. Dat kan soms wat uitproberen zijn! 

En jij als ouder?

Een boos kind raakt vaak ook iets in jou. Misschien je eigen grenzen, je vermoeidheid, of oude overtuigingen over ‘goed opvoeden’. Dat maakt het soms lastiger om met de emoties van je kind om te gaan.

Weet dit: je hoeft het niet foutloos te doen om een veilige ouder te zijn.
Aanwezig zijn, herstellen na een lastig moment en samen blijven ontdekken wat werkt, dat is het belangrijkste. 

Een kind dat vaak boos is, vraagt niet om strengere regels of snellere oplossingen, maar om verbinding, veiligheid en begeleiding.

Boosheid is niet zozeer een probleem dat opgelost moet worden. Maar het is wel een gevoel dat soms extra aandacht en begeleiding vraag vanuit jou als ouder. 

Wil je hier thuis verder mee aan de slag? In Sterk van binnen leren kinderen ook over boosheid. Zo ontdekken kinderen op een speelse manier wat boosheid is, hoe dat voelt en wat ze zelf kunnen doen als ze boos zijn.

Sterk van binnen: een doeboek over veerkracht en jezelf zijn

 24,99
Categorie:

Blijf op de hoogte

Wil jij op de hoogte blijven van de pre-sale en de voortgang van het boek. Schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief en ik stuur eens in de zoveel tijd een update!